|
Eén Heer, één
geloof, één doop - Oecumenelezing van Peter De Mey
De Leuvense oecumenicus prof. dr.
P. de Mey sprak in de jaarlijkse oecumenelezing van de Raad van Kerken
over de betekenis van de wederzijdse dooperkenning voor de eenheid van
de Kerk. In zijn lezing ging hij uitvoerig in op het
rooms-katholieke engagement sinds het Tweede Vaticaans Concilie en op
recente oecumenische documenten met betrekking tot de wederzijdse
dooperkenning. Ervan uitgaande dat de wederzijdse dooperkenning tevens
de erkenning impliceert van het ecclesiale karakter van de betrokken
gemeenschappen, analyseerde De Mey in zijn betoog vanuit het perspectief
van de verschillende kerkelijke tradities de reikwijdte van de
wederzijdse dooperkenning. Hier treedt een verschil aan het licht tussen
enerzijds de positie van de katholieke kerk die aan het herstel van de
volledige kerkelijke gemeenschap een aantal essentiële theologische en
kerkordelijke voorwaarden verbindt en anderzijds de kerken uit de
Reformatie die als criterium hanteren dat de kerk daar te vinden is waar
het Woord van God waarachtig wordt verkondigd en waar de sacramenten op
geldige wijze worden bediend. Overbrugging van dit verschil is moeilijk
zolang kerken op hun uitgangspunt insisteren. Dat neemt niet weg dat er
over de betekenis van de doop binnen de brede oecumenische beweging een
grote mate van consensus bestaat en dat er veel mogelijkheden zijn om
daar concreet gestalte aan te geven. In reactie op de lezing werd naar
voren gebracht dat er bij de Raad van Kerken twee kerkgenootschappen
zijn (Quakers en het Leger des Heils) die geen sacrament van de doop
kennen, maar een verinnerlijkte vorm van de opname in het Lichaam van
Christus aanhangen. Prof. dr. Olaf de Vries verwoordde de visie van de
baptisten voor wie de doop een persoonlijke beslissing is en het begin
van een groeiproces. Mgr. J. van Burgsteden, bisschop-referent voor de
oecumene, die het onderwerp van de wederzijdse dooperkenning opnieuw op
de agenda van de Raad van Kerken heeft geplaatst, legde uit waarom hij
wederzijdse dooperkenning zo belangrijk vindt. Hij raakte er sterk van
doordrongen tijdens de oecumenische assemblee in Sibiu (2007). De doop
geeft ons het kindschap Gods over landsgrenzen en kerkgrenzen heen. De
assemblee in Sibiu deed de aanbeveling om de betekenis van de doop voor
de eenheid van de Kerk opnieuw te doordenken en op die manier de
oecumene te bevorderen. De Raad van Kerken in Nederland heeft
daarom een commissie Doop(v)erkenningen gevormd die in de loop
van 2011 hierover een rapport zal uitbrengen. Een uitvoerige impressie van
de bijeenkomst is te vinden op de site
www.raadvankerken.nl. De
lezing van Peter De Mey vindt u
hier.
|
|
|